Wie bepaalt eigenlijk wat ”normaal” is?

Vroeger wilde ik niets liever dan “normaal” zijn. Naar een “normaal” middelbare school, “normaal” studeren, “normaal” op mezelf wonen, “normaal” werk op een kantoor.

Nooit ”normaal” genoeg

Dat ging niet zonder slag of stoot. Of ik nou naar het reguliere middelbare onderwijs wilde, of op zoek was naar een stage, vaak werd ik afgewezen. Mijn rolstoel was lastig. Mijn beperking een uitdaging. Er was twijfel alom. Want kon ik het niveau wel aan? Hoe zat het met het tempo? Het werd zelden aan mij gevraagd, en des te meer voor mij ingevuld. Liever had ik de vraag gekregen wat ik nodig had om mee te kunnen doen.

Ik had het gevoel dat er niet verder werd gekeken dan mijn beperking. Alsof dat bepaalde dat ik geen talent had. Alsof dat mijn volledige identiteit was. Hoe goed ik ook mijn best deed om “normaal” te zijn, voldoen aan die definitie deed ik in de ogen van anderen nooit.

Pijnlijk.

Een andere definitie van normaal

Maar daar zit ook de kracht. Want het gaat om meedoen. Inclusie in het onderwijs. Op de werkvloer. In de samenleving. En dat vraagt om een andere definitie van normaal. Dat is waar inclusie voor mensen met een beperking om draait: niet aanpassen aan wat normaal is, maar mogen meebepalen wat dat betekent. Want wat is die definitie? En wie bepaalt die? En hoe kan ik daar zelf invloed op hebben?

Met Kemai Coaching doe ik precies dat: mensen met een multiculturele achtergrond en beperking helpen de regie terug te pakken. Zodat jij zelf kunt bijdragen aan het verbreden van wat normaal is, en al jouw talenten kunt benutten.